Financiële doorrekening

Deze bestuursperiode begon met de wens om een aantal structurele lasten en ambities ook structureel te dekken. Dat leidde tot de volgende ambities:

De dekking van deze ambities vond plaats door aan de ene kant een wat hogere uitkering gemeentefonds. En aan de andere kant een bezuinigingspakket oplopend tot € 4 miljoen. Daarbij is gesteld dat het weerstandvermogen minimaal 1,0 moet bedragen. Deze bezuinigingen zijn ingevuld.

  • Inmiddels is het beheer van de openbare ruimte ingevuld met het programma Nieuw Perspectief
  • Ook is een manier gevonden om de investeringen in de haven in te vullen
  • De uitvoering van de duurzaamheidsagenda is opgepakt en zal nog de nodige aandacht vragen zoals met het dossier ‘van gas los’
  • Betaald parkeren is afgeschaft
  • Bovendien zijn er besluiten genomen over de huisvesting binnen de door de gemeenteraad vastgestelde beschikbare financiële kaders. Voor het onderhoud van de panden van Willemsoord is structurele dekking gevonden.
  • Ook is deels invulling gegeven aan de overige ruimtevragers. Zo is besloten om fors in Julianadorp te investeren.

De begroting is omgevormd naar vier programma’s; aansluitend bij het coalitieakkoord: bestuurlijke vernieuwing, zorgzame gemeente, vitale gemeente en leefbare gemeente. De invulling daarvan heeft in nauw overleg met de gemeenteraad plaatsgevonden. Het meerjarenperspectief uit de meerjarenbegroting 2020-2023 vormt de basis voor de kadernota 2021-2024. Dat hield rekening met de Algemene uitkering uit de meicirculaire. Deze stand, aangevuld met de uitkomsten van de septembercirculaire geeft het volgende beeld over de startsituatie van de kadernota 2021-2024:

De begroting voor 2021 wordt sluitend gemaakt met een bijdrage uit de Algemene reserve; meerjarig is er sprake van een sluitend perspectief. De ambities voor de kadernota 2021-2024 zijn groot voor de verdere ontwikkeling van de stad. Omdat die inmiddels vorm krijgt in het beleid ‘van krimp naar groei’ wordt er bijvoorbeeld geld vrijgemaakt om nieuwe woningbouwlocaties te ontwikkelen en Den Helder op de kaart te zetten. Dit wegens de behoefte aan nieuw personeel, niet alleen voor de Marine, maar ook voor de verwachte groei van activiteiten in de haven en de grote werkgevers in de stad op het gebied van zorg en onderwijs. Uiteraard bestaat er onzekerheid over de ontwikkeling van de gemeentelijke financiën in het kader van de coronacrisis, maar het college streeft ernaar om zoveel mogelijk de positieve ontwikkeling van de stad mogelijk te blijven maken. En dus te investeren in de sociale en fysieke infrastructuur van onze stad. Ten slotte geeft de uitkomst van de jaarrekening over 2019 een samenvattend beeld van de belangrijkste financiële gegevens van de gemeente:

Risico-inventarisatie en weerstandsvermogen

Voor de beoordeling van onze financiële positie is niet alleen de meerjarenbegroting belangrijk. Ook de ‘spaarpotten’ van de gemeente, de algemene reserve en bestemmingsreserves kunnen worden ingezet voor uitgaven. Het gebruik van reserves is eindig. Daarom moeten uitgaven die worden gedekt uit de reserves een incidenteel karakter hebben. De reserves vormen ook een buffer voor tegenvallers en risico’s. De risico’s die gemeenten lopen zetten zij af tegen de algemene reserve en andere (bestemmings)reserves die een algemeen karakter hebben. Het verhoudingsgetal dat daar uitkomt wordt het weerstandsvermogen genoemd; het geeft aan dat de gemeente eventuele calamiteiten financieel goed op kan vangen. De gemeenteraad heeft bepaald dat dit verhoudingsgetal minimaal 1,0 moet bedragen. In 2019 is een nieuw beleidskader ‘Risico’s en weerstandsvermogen’ door de gemeenteraad vastgesteld. Bij het samenstellen van de jaarrekening en de begroting wordt steeds een inventarisatie van de risico’s gemaakt. Een actueel totaaloverzicht van de risicobedragen voor de gemeente geeft het volgende beeld in euro’s:

Voor het bepalen van het weerstandsvermogen kijken we ook naar de ontwikkeling van de algemene reserve. Die wordt beïnvloed door het resultaat van de jaarrekening 2019, de besluiten over inzet van de algemene reserve, en de overschotten dan wel tekorten die in de meerjarenbegroting worden verwerkt. Inmiddels is de reserve Sociaal Domein, gezien het karakter ervan, toegevoegd aan de Algemene reserve. De ontwikkeling van het weerstandsvermogen is dan als volgt:

Hierbij is nog geen rekening gehouden met de mogelijke effecten van de coronacrisis. Dit omdat de effecten daarvan op de gemeentelijke financiën onbekend zijn, bijvoorbeeld de ontwikkeling van de Algemene uitkering van het gemeentefonds, de belangrijkste inkomstenbron van de gemeente. Wel wordt in de bepaling van de risico’s rekening gehouden met hogere lasten voor het sociaal domein en tegenvallende uitkomsten voor de Algemene uitkering.

Volgende pagina: Collegeleden